Soms blijkt tijdens of na de geboorte dat uw kindje een afwijking heeft.
Heeft uw kind een klompvoetje of een hazenlip? Deze afwijkingen worden in het ziekenhuis behandeld. Ze zijn vervelend, maar niet levensbedreigend. Er zijn ook ernstige aandoeningen, zoals een open ruggetje of een open schedel. In het ergste geval kan het kind daaraan overlijden. Moeder en kind moeten bij dat soort aandoeningen direct naar het ziekenhuis.
Heeft uw kind een verstandelijke beperking? Sommige stoornissen worden pas later zichtbaar, zoals autisme of ADHD. Het Downsyndroom kan al tijdens de zwangerschap ontdekt worden via een echo. Als uw kind een verhoogde kans heeft op Downsyndroom krijgt u een vervolgonderzoek. Kijk voor meer informatie over deze tests op de website Prenatale screening en RIVM.
Ziet of hoort uw kind slecht? Baby’s worden soms geboren met een probleem aan de zintuigen. Ze hebben bijvoorbeeld verminderd zicht of ze zijn doof. Soms komt dit door een erfelijke ziekte, maar vaak is de oorzaak onduidelijk. Meestal merkt u pas later dat uw kind zo’n afwijking heeft. Is er iets met uw kind waarover u zich zorgen maakt? Bijvoorbeeld dat het geen oogcontact maakt? Neem dan contact op met uw huisarts.
Een kind met een aangeboren afwijking vraagt extra zorg en aandacht. Het leidt een aangepast leven en heeft vaker te maken met zorgverleners en andere instanties. Gelukkig is er hulp. Lees hierover bij Baby - handicap en problemen.



